Een betrokken werkgever

Taakstelling

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft ProRail een bezuiniging opgelegd van € 48,4 miljoen per jaar. Daardoor komen in totaal 523 arbeidsplaatsen te vervallen. Een deel van de bezuiniging is gerealiseerd in de periode 2013-2015, de rest wordt gerealiseerd in 2016-2018. De sociale problematiek is beperkt van omvang, zoals onder meer is gebleken uit het betrekkelijk lage aantal boventalligen eind 2015. De inzet van externe inhuur wordt verder afgebouwd en er zal veel aandacht blijven voor het stimuleren van de interne mobiliteit. Gedurende het jaar hebben we ook afspraken gemaakt over extra werkzaamheden. De afbouw, interne mobiliteit en de extra werkzaamheden hebben er inmiddels toe geleid dat we medewerkers moeten werven om de prestaties op peil te houden.

Tevredenheidsonderzoek

Na het in 2014 gehouden medewerkertevredenheidsonderzoek (score 7,1) zijn diverse verbeteracties in gang gezet. Er is meer ruimte gekomen voor persoonlijke ontwikkeling en interne mobiliteit. Verder worden initiatieven genomen om de communicatie tussen werkvloer en directie te verbeteren door het meer naar de medewerkers toegaan én het intensiveren van de communicatie tussen directie en medewerkers.

Leeftijdsopbouw en vergrijzing

Het aandeel 50-plussers steeg van 32% in 2010 naar 43% in 2015, een trend die ook vanwege de verhoging van de pensioenleeftijd naar 67 jaar verder zal doorzetten. Een gevolg van de vergrijzing is de op termijn relatief grote uitstroom van vakmensen. Daarom investeert ProRail meer in kennisborging met bijvoorbeeld meester-gezelconstructies en kennisoverdracht binnen teams. Ook willen we medewerkers meer uitdagen om kennis te maken met andere bedrijfsonderdelen binnen ProRail.

Leeftijdsopbouw

Diversiteit

We streven naar een divers personeelsbestand. Bij de werving van nieuwe medewerkers is diversiteit – jongeren, allochtonen, vrouwen in hogere posities en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt – een van onze uitgangspunten. Op arbeidsplaatsen die vrijkomen wordt zoveel mogelijk instroom van jongeren, vrouwen en allochtonen gestimuleerd. In 2015 hebben we echter geen actief diversiteitsbeleid gevoerd, maar vooral ingezet op plaatsing van boventallige medewerkers. In een tijd waarin we weinig externe vacatures hadden, was het lastig om het aantal vrouwen, allochtonen, personen met een beperking en jongeren te verhogen. Met onze traineeprogramma’s zorgen we voor de instroom van jongeren. Het aandeel vrouwen in top 80-functies is 24% (vorig jaar 22%) en daarmee licht gestegen ten opzichte van voorgaande jaren. ProRail streeft naar een bezetting van 30% door vrouwen in top 80-functies en heeft daarvoor ook het Charter Talent naar de Top ondertekend. Dit is een publiek commitment, een code met heldere afspraken voor het realiseren van m/v-diversiteit aan de (sub)top.

Diversiteit

Verzuim toegenomen

Het verzuimcijfer 2015 was 4,0% (2014: 3,8%) een toename waar mede de landelijke griepgolf debet aan was. In 2015 is extra aandacht uitgegaan naar het terugdringen van lang en frequent verzuim. Ook onregelmatig werken en vergrijzing zijn relevante ontwikkelingen waarvoor ProRail in het verslagjaar onder meer workshops organiseerde rond inzetbaarheid.

Verzuim

De medezeggenschap

In het kader van de adviesaanvraag Taakstelling hebben directie en OR het zogeheten peilstokoverleg ingesteld. Dit overleg vindt drie keer per jaar plaats en moet ertoe bijdragen dat de taakstelling juist wordt uitgevoerd, organisatorisch en financieel. Directie en OR verwachten met deze aanpak tot meer gezamenlijke opvattingen te kunnen komen.

Melding vertrouwenspersonen

ProRail vindt het belangrijk dat medewerkers zich vrij voelen om zaken aan te kaarten die onder de Regeling Vermoede Misstanden vallen. Als een melding wordt gedaan op basis van de Regeling, wordt onderzoek ingesteld en kunnen indien nodig maatregelen worden getroffen. In 2015 is naar aanleiding van meldingen onderzoek gedaan naar enkele voorvallen en zijn maatregelen genomen om herhaling te voorkomen. Medewerkers die te maken hebben met ongewenst gedrag, zoals (seksuele) intimidatie of pesten, kunnen te rade gaan bij de vertrouwenspersonen of een zaak voorleggen aan de Klachtencommissie Ongewenst Gedrag. De vertrouwenspersonen hebben in 2015 aandacht besteed aan het bespreekbaar maken van ongewenst gedrag. De Klachtencommissie Ongewenst Gedrag heeft in 2015 geen zaken behandeld.