De pagina ververst bij het selecteren van een onderwerp.

Sla artikel navigatie over.

Geluid en trillingen

Omwonenden rond het spoor kunnen last hebben van het geluid of de trillingen van passerende treinen. Ook werkzaamheden aan het spoor kunnen geluid en trillingen veroorzaken. Ons doel is om het spoor zodanig te beheren dat er voor de omgeving zo min mogelijk geluid- en trillingshinder ontstaat.

Verschuiving naar stillere typen treinen zet door

Uitgangspunt van het Nederlandse beleid voor de aanpak van geluidhinder van het spoor is dat de geluidproductieplafonds niet mogen worden overschreden, ook als er meer treinen gaan rijden. Dit kan alleen als nieuwe typen treinen steeds stiller zijn en oudere lawaaiigere treinen stiller gemaakt worden of uit dienst worden genomen.

Sinds 2005 moeten alle nieuwe goederenwagens aan strenge Europese geluidsemissie-eisen voldoen en vanaf december 2024 behoren op zogeheten “stillere routes” ook alle oudere goederenwagens aan deze eisen te voldoen. Met de Stimuleringsregeling Toename Stille Treinkilometers stimuleert ProRail sinds 2008 het ombouwen van oudere goederenwagons en sinds 2013 ook het rijden met stillere goederentreinen. In 2021 is 1,5 miljoen euro aan subsidie verstrekt aan goederenvervoerders. De prognose is dat door al deze acties in 2025 circa 95% van de goederenwagens die in Nederland rijden van het stillere type zullen zijn.

Wat reizigerstreinen betreft zijn alle oudere lawaaiigere treinseries reeds omgebouwd of uit dienst genomen. Daarnaast blijkt de nieuwe generatie elektrische sprinters (zoals de GTW, SNG, SLT en de FLIRT) zelfs drie decibel stiller te zijn dan de voorheen stilste type treinen. Op basis van een grootschalig meetonderzoek van ProRail is in 2021 het wettelijke rekenvoorschrift dan ook uitgebreid met een nieuwe rekencategorie voor deze stillere typen elektrische sprinters.

Minder overschrijdingen van de geluidproductieplafonds

ProRail heeft in 2021 het nalevingsverslag geluidproductieplafonds (gpp’s) over 2020 gepubliceerd. Het aantal overschrijdingen is gedaald van 600 naar 430 referentiepunten, 0,8% van het totale aantal referentiepunten langs het spoor in Nederland. De invoering van de nieuwe rekencategorie voor stillere typen elektrische sprinters droeg er mede toe bij dat het aantal overschrijdingen gedaald is.

Aanpak van het geluid van doorgaand treinverkeer

In het Meerjarenprogramma Geluidsanering (MJPG) werken het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat en ProRail samen aan het terugdringen van geluidsoverlast langs rijkswegen en hoofdspoorwegen. MJPG onderzoekt op basis van wettelijke regels voor ruim 53.000 woningen langs het spoor de mate van geluidbelasting bij volledige benutting van de geluidproductieplafonds. Het MJPG zal naar verwachting in totaal 72 km geluidschermen en 269 km raildempers aanleggen en bij circa 2.600 woningen aanvullende geluidisolatie aan de gevels van de woningen aanbrengen.

In 2021 heeft MJPG bij het ministerie 20 wettelijk verplichte saneringsplannen met daarin de woningen met de hoogste geluidbelastingen ter besluitvorming ingediend. Vanaf medio 2022 worden de saneringsplannen met de lager belaste woningen ingediend. De communicatie met bewoners over de voorgenomen realisatie van geluidmaatregelen, zoals geluidschermen, krijgt in het programma veel aandacht. Het doel is altijd om bewoners tijdig te informeren, zodat ze niet verrast worden door de timing en de inhoud van het door ProRail ingediende geluidsaneringsprogramma. ProRail leert hierbij continu van de ervaringen binnen dit landelijke programma, zoals in Zevenbergen waar bewoners zich overvallen voelden toen de aanleg van geluidschermen achter hun woningen werd aangekondigd. 

De aanbesteding van de uitvoering van de geluidmaatregelen is voorzien in de vorm van raamcontracten met aannemers. ProRail zal deze raamcontracten begin 2022 afsluiten. De realisatie van de geluidmaatregelen zal in de komende jaren plaatsvinden; de voortgang is per locatie te zien op www.mjpgspoor.nl .

Aanpak van het geluid van treinen op emplacementen

Binnen het Uitvoeringsprogramma Geluid op Emplacementen (UPGE) treft ProRail in opdracht van het Rijk bij circa honderd emplacementen geluidmaatregelen. De aanpak van piekgeluiden is enkele jaren geleden al afgerond: booggeluid is aangepakt met de plaatsing van ruim 2000 stationaire conditioneringssystemen en het ‘kedeng-kedeng’-geluid is aangepakt door overbodige voegen in het spoor op emplacementen weg te halen. In het kader van het UPGE wordt nu nog gewerkt aan de realisatie van enkele geluidschermen. In 2021 is specifiek aan de uitwerking van geluidschermen in Dordrecht gewerkt.

Praktijkproef voor een landelijke aanpak van booggeluid met WRC

ProRail en NS hebben in 2021 in het zuidoosten van Nederland een grootschalige praktijkproef met de inzet van wiel-railconditionering (WRC) op sprinters van NS uitgevoerd. Toepassing van WRC wordt beproefd als dé structurele aanpak van het ‘jankende’ booggeluid, in combinatie met stationaire conditioneringssystemen langs de baan. Ook andere potentiële voordelen voor de spoorsector worden in deze pilot onderzocht, zoals de aanpak van de blaadjesproblematiek in de herfst. Naar verwachting kunnen in het eerste kwartaal van 2022 de resultaten worden gepresenteerd.

Onderzoek en innovatie voor een bronaanpak van spoortrillingen

In opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft ProRail in 2021 gewerkt aan diverse onderdelen van de Innovatieagenda Bronaanpak Spoortrillingen (IBS). Doel van de IBS is om trillingsreducerende effecten, neveneffecten en kosten van interventies aan de spoorinfra en aan de treinen in kaart te brengen om maatwerk bij de aanpak van trillingshinder te kunnen bieden.

In 2021 is de voorbereiding en contractering van diverse onderdelen van de IBS opgepakt. Het gaat hierbij onder meer om de ontwikkeling van STEM, het Spoortrillingen Emissiemodel, in samenwerking met de beoogde uitvoerders TU Delft, Deltares en TNO. Ook gaat het om een grootschalig meetprogramma om de trillingseffecten van de ‘onrondheid’ van wielen van goederenwagens te monitoren en een bureaustudie om quickwins door aanpassingen aan de gangbare draaistellen van goederenwagens te onderzoeken. Beide activiteiten voeren we uit in samenwerking met de betrokken partijen van de Spoorgoederentafel. Daarnaast zijn in 2021 de meetresultaten uitgewerkt van de praktijkproeven met zogenaamde under sleeper pads (USP’s) in Oisterwijk en Zevenaar. Ook zijn praktijkproeven gestart met een ander type overweg in Dorst en het gebruik van dwarsliggers van andere materialen dan hout en beton, zoals kunststof.

Met Deltares is een praktijkproef voor de monitoring van trillingsniveaus via het bestaande glasvezelnetwerk langs de baan uitgevoerd; nader onderzoek is nodig naar de werking van dit in potentie landelijk dekkende meetsysteem. Ook zijn nieuwe analysemethoden ontwikkeld voor de meetgegevens die de meettrein van ProRail genereert om plaatsen in het spoor te detecteren waar de onderhoudsstaat van het spoor mogelijk overmatige trillingshinder zou kunnen veroorzaken. Het doel is om deze gerichter aan te kunnen pakken. De IBS loopt van 2021 tot 2025 en ProRail zal de resultaten de komende jaren stapsgewijs breed beschikbaar maken.

Meer informatie: www.prorail.nl/geluid en www.prorail.nl/trillingen .