Assurance-rapport van de onafhankelijke accountant

Aan: de aandeelhouders en de raad van commissarissen van ProRail B.V.

Onze conclusie

Wij hebben de duurzaamheidsinformatie in het Jaarverslag van ProRail B.V. te Utrecht over 2017 beoordeeld. Een beoordelingsopdracht is gericht op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid.

Op grond van onze werkzaamheden is ons niets gebleken op basis waarvan wij zouden moeten concluderen dat de duurzaamheidsinformatie geen, in alle van materieel belang zijnde aspecten, betrouwbare en toereikende weergave geeft van:

  • het beleid en de bedrijfsvoering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen;

  • de gebeurtenissen en de prestaties op dat gebied in 2017

in overeenstemming met de Sustainability Reporting Guidelines versie G4 (optie Comprehensive) van het Global Reporting Initiative (GRI) en de aanvullend gehanteerde verslaggevingscriteria zoals toegelicht in hoofdstuk Maatschappelijk verslagleggingsbeleid in het jaarverslag.

De duurzaamheidsinformatie bestaat uit de hoofdstukken Profiel, Spoorvervoer, Omgeving, Medewerkers, Stakeholderdialoog, Maatschappelijk verslagleggingsbeleid en GRI verslaglegging van het Jaarverslag.

De basis voor onze conclusie

Wij hebben onze beoordelingsopdracht met betrekking tot de duurzaamheidsinformatie verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Standaard 3810N ‘’Assurance-opdrachten inzake maatschappelijke verslagen”. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de beoordeling van de duurzaamheidsinformatie’.

Wij zijn onafhankelijk van ProRail B.V. zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Dit houdt onder meer in dat wij geen activiteiten ondernemen die conflicterend kunnen zijn met onze onafhankelijke assurance-opdracht. Daarnaast hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA).

Wij vinden dat de door ons verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is als basis voor onze conclusie.

Beperkingen in de reikwijdte van onze beoordelingsopdracht

Ter vergelijking opgenomen informatie niet beoordeeld

Op de prestatie-indicatoren Reizigerspunctualiteit en Klanthinder over de periode 2015 tot en met 2016 is geen assurance-opdracht uitgevoerd. Daarom is de ter vergelijking opgenomen informatie en de daaraan gerelateerde toelichtingen over de periode 2015 tot en met 2016 niet beoordeeld.

Toekomstgerichte informatie niet onderzocht

In de duurzaamheidsinformatie is toekomstgerichte informatie opgenomen in de vorm van ambities, strategie, plannen, verwachtingen en ramingen en risico-inschattingen. Inherent aan deze informatie is dat de werkelijke uitkomsten in de toekomst onzeker zijn. Wij geven geen zekerheid bij de veronderstellingen en de haalbaarheid van toekomstgerichte informatie in de duurzaamheidsinformatie.

Verwijzingen naar externe bronnen niet beoordeeld

De verwijzingen naar externe bronnen of websites in de duurzaamheidsinformatie maken geen onderdeel uit van de duurzaamheidsinformatie die door ons is beoordeeld. Wij verstrekken derhalve geen zekerheid over deze informatie.

Materialiteit

Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij materialiteitsniveaus bepaald voor elk relevant onderdeel van de duurzaamheidsinformatie en voor de duurzaamheidsinformatie als geheel. Bij het beoordelen van onze materialiteitsniveaus hebben wij kwantitatieve en kwalitatieve aspecten evenals de relevantie van informatie voor zowel belanghebbenden als de organisatie in ogenschouw genomen.

Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur en de raad van commissarissen voor de duurzaamheidsinformatie

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie in overeenstemming met Sustainability Reporting Guidelines versie G4 (optie Comprehensive) van GRI en de aanvullend gehanteerde verslaggevingscriteria zoals toegelicht in hoofdstuk Maatschappelijk verslagleggingsbeleid van het Jaarverslag, inclusief het identificeren van belanghebbenden en het bepalen van materiële onderwerpen. De door de raad van bestuur gemaakte keuzes ten aanzien van de reikwijdte van de duurzaamheidsinformatie en het verslaggevingsbeleid zijn uiteengezet in hoofdstuk Maatschappelijk verslagleggingsbeleid in het jaarverslag.

De raad van bestuur is ook verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing als het noodzakelijk acht om het opstellen van de duurzaamheidsinformatie mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.

De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het rapportageproces van ProRail B.V.

Onze verantwoordelijkheden voor de beoordeling van de duurzaamheidsinformatie

Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een assurance-opdracht met beperkte mate van zekerheid dat wij daarmee voldoende en geschikte assurance-informatie verkrijgen voor de door ons af te geven conclusie.

De werkzaamheden die worden verricht bij het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid zijn gericht op het vaststellen van de plausibiliteit van informatie en variëren in aard en timing van, en zijn ook beperkter in omvang, dan die bij een assurance-opdracht gericht op het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. De mate van zekerheid die wordt verkregen bij beoordelingsopdrachten is daarom ook aanzienlijk lager dan de zekerheid die wordt verkregen bij controleopdrachten.

Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de beslissingen die gebruikers op basis van deze duurzaamheidsinformatie nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze beoordelingswerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op onze conclusie.

Wij passen de ‘Nadere voorschriften kwaliteitssystemen’ toe. Op grond daarvan beschikken wij over een samenhangend stelsel van kwaliteitsbeheersing inclusief vastgelegde richtlijnen en procedures inzake de naleving van ethische voorschriften, accountantsstandaarden en andere van toepassing zijnde wet- en regelgeving.

Wij hebben deze beoordelingsopdracht professioneel kritisch uitgevoerd met een multidisciplinair team en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse Standaard 3810N, de ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.

De werkzaamheden van onze beoordelingsopdracht bestonden onder andere uit:

  • Het uitvoeren van een omgevingsanalyse en het verkrijgen van inzicht in de relevante maatschappelijke thema’s en kwesties en de kenmerken van de organisatie.

  • Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte verslaggevingscriteria, de consistente toepassing hiervan en de toelichtingen die daarover in de duurzaamheidsinformatie staan, waaronder het evalueren van de uitkomsten van de dialoog met belanghebbenden en het evalueren van de redelijkheid van schattingen gemaakt door de raad van bestuur.

  • Het verkrijgen van inzicht in de verslaggevingsprocessen die ten grondslag liggen aan de gerapporteerde duurzaamheidsinformatie, inclusief het op hoofdlijnen kennis nemen van de interne beheersingsmaatregelen, voor zover relevant voor onze beoordelingsopdracht;

  • Het aansluiten van de relevante financiële informatie met de jaarrekening;

  • Het identificeren van gebieden in de duurzaamheidsinformatie waar waarschijnlijk afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude zich zullen voordoen en het op basis van deze risico-analyse uitvoeren van verdere werkzaamheden gericht op het vaststellen van de plausibiliteit van de duurzaamheidsinformatie. Deze werkzaamheden bestonden onder meer uit:

    • Het afnemen van interviews met relevante medewerkers verantwoordelijk voor de duurzaamheidsstrategie, het duurzaamheidsbeleid en de duurzaamheidsprestaties.

    • Het afnemen van interviews met relevante medewerkers verantwoordelijk voor:
      • het aanleveren van de duurzaamheidsinformatie voor,
      • het uitvoeren van interne controles op, en de consolidatie van gegevens in de duurzaamheidsinformatie;

    • Het op basis van beperkte deelwaarnemingen beoordelen van relevante interne en externe documentatie; en

    • Het analytisch evalueren van data en trends aangeleverd voor opname in het jaarverslag.

  • Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de duurzaamheidsinformatie als geheel, inclusief de daarin opgenomen toelichtingen, ten opzichte van de gehanteerde verslaggevingscriteria.

Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de beoordelingsopdracht en over de significante bevindingen die uit onze beoordelingsopdracht naar voren zijn gekomen.

Utrecht, 6 april 2018

Ernst & Young Accountants LLP

drs. J. Niewold RA

Mijn Verslag (0)